De Amerikaanse stroomsector draait weer richting gas. Dat blijkt uit een nieuw rapport van de milieuorganisatie Environmental Defense Fund en onderzoeksbureau Atlas Public Policy, op basis van cijfers van de Amerikaanse energie-informatiedienst EIA. De vraag naar elektriciteit stijgt harder dan in ruim tien jaar, onder meer doordat er steeds meer datacenters, fabrieken en elektrische auto's aan het net hangen. The Verge zette de bevindingen op een rij.

Van 5 naar 30 procent in twee jaar

In 2024 ging nog maar 5 procent van alle geplande nieuwe opwekcapaciteit in de VS naar fossiele centrales. In het tweede kwartaal van 2026 was dat al 30 procent. Zet die lijn door, dan kan fossiel tegen het einde van het decennium 70 procent van de plannen uitmaken, schrijven de onderzoekers. De geplande fossiele capaciteit komt dan in 2030 uit op 68 gigawatt, 45 procent meer dan in de plannen van een halfjaar geleden.

Tegelijk sneuvelen duurzame projecten vaker: 4,9 procent van de wind- en zonneprojecten wordt geschrapt, tegen 2,9 procent van de fossiele. De regering-Trump werkt wind- en zonneparken tegen met stopbevelen, geweigerde vergunningen en het schrappen van belastingvoordelen, en ziet gas en kolen als de aangewezen stroombron voor datacenters.

Gas is wel duurder

Opvallend is dat de goedkoopste optie niet wint. Nieuwe grote zonne- en windparken leveren stroom voor gemiddeld 68 tot 69 dollar per megawattuur, een nieuwe gascentrale komt uit op ongeveer 90 dollar. Volgens de auteurs kunnen de huidige plannen daardoor tientallen jaren lang hogere stroomprijzen en meer uitstoot vastleggen. Ter vergelijking: in 2024 leverden wind en zon in de VS voor het eerst samen meer stroom dan kolen, en zonne-energie was dat jaar goed voor 81 procent van de nieuw geplaatste capaciteit.

Er zit wel een slag om de arm. Veel gasplannen kunnen nog worden afgeblazen, zeker als de voorspellingen over de stroomvraag van AI-datacenters te hoog blijken. Over die voorspellingen is ook bij beleggers twijfel, zoals de onrust rond rekenkrachtverhuurder CoreWeave liet zien.

De rekening van AI loopt via het stopcontact

Het rapport laat zien dat de AI-race niet alleen over chips en modellen gaat, maar ook over energie. Elke chatvraag en elke agent die urenlang taken uitvoert, draait ergens in een datacenter dat stroom nodig heeft. Waar die stroom vandaan komt, bepaalt een groot deel van de klimaatimpact van AI. Ook in Nederland is de komst van grote datacenters gevoelig, onder meer door de krappe ruimte op het stroomnet. De Amerikaanse keuzes van nu laten zien hoe snel een energiebeleid kan kantelen als de vraag ineens hard stijgt.