Als een Kamerlid in een commissiedebat het woord neemt, is de kans groot dat ChatGPT of Claude heeft meegeschreven. De Groene Amsterdammer en onderzoeksplatform Investico lieten alle debatbijdragen van het afgelopen jaar controleren en kwamen uit op 68 van de 150 Kamerleden die teksten uitspraken die grotendeels door een chatbot waren opgesteld. De NOS bracht het nieuws op 21 oktober naar buiten.

Hoe het is gemeten

De onderzoekers gebruikten Pangram, software die tekst scant op zinspatronen die typisch zijn voor taalmodellen. Alleen bijdragen die voor meer dan de helft als AI-tekst werden herkend, telden mee. Een Kamerlid dat een chatbot alleen af en toe een zin laat herschrijven, valt dus buiten de telling. Het echte aantal ligt daardoor waarschijnlijk hoger.

Daar staat tegenover dat zulke detectoren niet feilloos zijn. Ze geven een waarschijnlijkheid, geen bewijs. Een strak geschreven ambtelijke tekst kan ook op AI lijken. De uitkomst zegt dus vooral iets over het patroon in de hele Kamer, minder over wat één individueel Kamerlid precies heeft gedaan.

Grote verschillen tussen fracties

AI duikt in vrijwel de hele Kamer op, maar niet overal even vaak. PVV en Groep Markuszower zijn volgens het onderzoek oververtegenwoordigd. Bij SP, Partij voor de Dieren en Volt werd geen AI-gebruik gevonden. Bovenaan de lijst staan voormalig Kamerlid Lahlah (nu wethouder in Amsterdam), Van Meetelen (PVV), Belhirch (D66) en Van Eijk (VVD).

De verklaringen lopen uiteen. Lahlah zegt dat haar bijdragen altijd gebaseerd waren op gesprekken met burgers, en dat ze AI gebruikte om die verhalen in een paar minuten spreektijd te passen. BBB-fractievoorzitter Henk Vermeer vindt het voor een kleine fractie met veel dossiers een logisch hulpmiddel, net als "rekenmachines, mobiele telefoons en zelfs koffiezetapparaten". Bij de drie BBB-Kamerleden komt ongeveer 30 procent van de bijdragen grotendeels uit een chatbot.

CDA-Kamerlid Krul, vijfde op de lijst, zegt verrast te zijn en AI vooral te gebruiken om teksten in te korten zonder de inhoud te veranderen. Zijn partij werkt inmiddels aan richtlijnen voor AI-gebruik.

Vooral in commissiedebatten

Het meeste AI-werk is te horen in commissiedebatten, de minder zichtbare overleggen waarin Kamerleden met een minister over een specifiek dossier praten. Daar is soms meer dan de helft van een bijdrage met AI geschreven. In de grote debatten met fractievoorzitters is nauwelijks iets terug te vinden.

Waar het om draait

Dat politici hulp krijgen bij het schrijven, is niet nieuw: speechschrijvers en fractiemedewerkers bestaan al lang. Het verschil is dat een chatbot geen verantwoording aflegt en soms feiten verzint. De Tweede Kamer heeft voor zover bekend geen eigen regels voor AI-gebruik door Kamerleden, terwijl de Rijksoverheid wel richtlijnen heeft voor ambtenaren die met generatieve AI werken. De vraag is dus of de Kamer zelf ook afspraken moet maken, bijvoorbeeld over openheid of over welke informatie je in een chatbot mag stoppen.

Het onderzoek past in een breder beeld. Ook burgers gebruiken AI steeds vaker richting de overheid: gemeenten zien meer bezwaarbrieven die door AI lijken geschreven, soms met verwijzingen naar wetten die niet bestaan. Zo schrijven aan beide kanten van het politieke gesprek steeds vaker taalmodellen mee.