Datacenterbouwer Crusoe heeft een onafgemaakt project in het zuidoosten van de Amerikaanse staat Wyoming verkocht aan Google. Dat bevestigde het bedrijf uit Denver vrijdag tegenover TechCrunch. Google neemt de ontwikkeling over en kondigde aan 17 miljard dollar in de datacentercampus te investeren. Hoeveel Google aan Crusoe betaalde, is niet bekendgemaakt.

De overname is opvallend, omdat Crusoe juist geprobeerd had Google als huurder voor het project binnen te halen. Dat lukte niet. Volgens eerdere berichtgeving van Bloomberg had Google bedenkingen bij de kosten en de bouwplanning zolang Crusoe de leiding had. Nu bouwt Google het complex dus liever zelf af.

Grote ambities, lastige uitvoering

Crusoe kondigde het project vorig jaar aan samen met infrastructuurbedrijf Tallgrass, dat steun krijgt van investeerder Blackstone. Het plan was om de locatie op termijn uit te bouwen tot 10 gigawatt aan stroomcapaciteit. Dat is gigantisch: ruwweg het vermogen van een tiental grote kerncentrales.

Volgens TechCrunch laat de deal zien hoe moeilijk het voor onafhankelijke bouwers is om zulke reuzenprojecten op tijd en binnen budget af te ronden. Apparatuur en stroomaansluitingen zijn schaars, en lokaal verzet maakt het er niet makkelijker op. Dat verzet groeit: bij de Amerikaanse tussentijdse verkiezingen stemden kiezers in bijna alle lokale stemmingen voor beperkingen op datacenters, en in Texas dreigt een bouwstop na de winst van de Democraten.

Crusoe blijft wel voor Google bouwen

Helemaal uit elkaar gaan Google en Crusoe niet. Crusoe bouwt nog een ander datacenter voor Google, bij Amarillo in Texas. En de tegenslag in Wyoming hield het bedrijf niet tegen om in september 3,9 miljard dollar op te halen, bij een waardering van 30,9 miljard dollar.

Crusoe begon ooit als cryptominer die draaide op aardgas dat anders zou worden afgefakkeld. Inmiddels verhuurt het datacenterruimte, eigen GPU's en rekenkracht voor het draaien van AI-modellen. Tot de klanten horen grote namen: de campus in Abilene, Texas, wordt gebouwd voor Oracle en OpenAI, en ernaast verrijst een campus van 900 megawatt voor Microsoft. Ook Meta is klant.

Voor Europa is de les herkenbaar. Ook hier lopen datacenterplannen vast op stroomnetten en lokale weerstand, zoals in Amsterdam, waar demonstranten vrijdag de bouwplaats van een Microsoft-datacenter bezetten. Wie de grootste projecten echt afmaakt, lijken steeds vaker de techreuzen zelf te zijn, met diepe zakken en een eigen belang bij de rekenkracht.